09 september 2026

Stofzuigerwagen

In het vorige bericht is melding gemaakt van de schoonmaaktram bestaande uit een Roco locje met Trix poetswagentje. De stofzuigerwagen ontbrak nog. Het werd de Tomytec H0-791. En wel in de uitvoering met reclame van Modellbahnshop Lippe. Daardoor veel goedkoper dan de wagen zonder die reclame.

De dure stofzuigerwagen van Lux en de goedkopere concurrent van Dapol zijn te groot voor mijn modelbaan. De wagens wijken in de scherpe bogen te veel uit. De Tomytec wagen past net, deze blijft in de bogen een enkele millimeter van de bovenleidingmastjes verwijderd.

Stofzuigerwagen Tomytec H0-791 achter de Roco 7500075.

De wagen benodigt twee AA batterijen om het motortje te laten draaien. Ik heb oplaadbare batterijen gekocht. Daarmee zuigt de wagen best wel wat op. Ik had een paar dagen geleden mijn modeltrambaan al goed gestofzuigd ........ tenminste dat dacht ik.


Het resultaat van één rondje over de modeltrambaan. In het verdekte gedeelte had de huis-stofzuiger blijkbaar niet alles weggezogen.

De wagen heeft ook een poetsfunctie, maar daarover waren de meningen vaak slecht. De zuigfunctie vonden de meeste gebruikers wel goed. Voor die poetsfunctie heeft de wagen wat extra ballast. Maar de batterijen wegen al zo veel dat de vier messing staafjes weinig doen. Ik heb ze wel uitgenomen.


Op het frame rechts de afvalbak, links de batterijenhouder en daar tussen in het verticale motortje voor het schoepenrad (of de door mij niet te gebruiken poetsschijfjes).
 De messing ballast heb ik niet terug geplaatst.

Het hoge gewicht door de batterijen vraagt trekkracht op hellingen. De twee-asser van Roco kan het stofzuigerwagentje alleen wel omhoog trekken, maar met poetswagen erbij niet. Op een bocht in de helling bleef de loc slippend staan. Het wordt dus poetsen en daarna zuigen. Tweede tram?😊

27 augustus 2026

Slijptram

Hoe meer er rond het tramspoor staat, hoe lastiger het schoonmaken van de spoorstaven wordt. Op mijn vorige RhB H0m modelbaan reed een poetstrein rond met een dieselloc, een Bemo wagentje met gummi blokje en een stofzuigerwagen van Lux. maar is er zoiets voor de modeltrambaan?

Ja, stofzuigerwagens van Lux en van Tomix, maar zeer kostbaar. Een kort wagentje met gummiblokjes is er van Trix met art.nr. 24050. En een trekkracht? De slijptram van de HTM reed in 1975 nog met motorwagen 805 en slijpaanhanger H25. Zie: Terug in de tijd Dat zou op de modeltrambaan mooi zijn, maar die modellen heb ik nog niet. 



Foto uit "De Digitale Tram, Terug in de tijd, 9 december 1975" van het HOVM.
De 805 met de H25 op het nieuwe viaduct bij het centraal station.

De HTM had t/m 1974 twee elektrische locomotieven, de H51 en der H52, waarvan de H51 bewaard is gebleven. Die twee waren alleen inzetbaar op de "spoorlijn" naar Scheveningen. Een dergelijk locje zou echter leuk zijn als trekkracht voor een slijptram.

Zoekend op internet kwam ik een 50% aanbieding tegen bij Lippe Modellbahnshop, Roco 7500075. Een fantasie model gebaseerd op de DB E69. Lijkt een beetje op de H51-52. Dat leek me wel wat om uit te proberen en voor € 119,90 kwam het locje richting Zutphen.

Maar dan, twee-asser, dus geen gegarandeerde stroomafname. Daar moest een "Powerpack" in. Het locje had een PluX16 aansluiting en daar zijn weinig mini decoders voor verkrijgbaar. Het werd de ESU 59824 met als Powerpack ESU 54671. De ruimte voor de condensator werd verkregen door een stukje zacht metaal uit het gewicht te zagen. Het locje woog met bijna 200 gram al zwaar genoeg. Eén schroef tussen gewicht en kap verviel en dankzij de hoge neus paste alles net! 

Het soldeerwerk van de Powerpack draadjes op ultra kleine soldeerplaatjes op de decoder werd bijna een ramp.... maar het lukte en alles werkt.



Ruimte gemaakt voor een Powerpack naast de decoder. 


De Loc reed daarna met het Trix wagentje met poetsblokjes zonder problemen over de modeltrambaan, ook over de 25 cm bogen. (naschrift 8 september: De Tomix H0-791 "stofzuiger" is toegevoegd aan dit treintje) 



Roco 7500075 met Trix 24050 (zonder opbouw) als tijdelijke slijptram.


Deze week toch maar weer een Facebook account gestart. Ik kon niet door lezen bij zakelijke accounts en helemaal niet lezen op privé accounts. Kiek'n wat wot.....  (naschrift 8 september: Nou, er ging een wereld voor mij open!)



Mijn account: Facebook



15 augustus 2026

Koppelstel



HTM Koppelstel, 2x1200 op lijn 12

Koppelstel (bij trams) volgens Google AI:

- Een combinatie van twee of meer tramstellen die aan elkaar zijn gekoppeld om als één lange eenheid te rijden.- En vervolgens meldt Google AI: - Er reizen meer reizigers mee zonder dat er een extra trambestuurder nodig is. -
Dat is juist, maar de volgwagen had nog wel een tweede verplichte conducteur aan boord. Pas na de invoering van de stempelkaart en aanpassing van de deurbediening volgde de eenmansbediening voor het hele koppelstel.

Bij mij kunnen de twee motorwagens zelfstandig rijden, elk met een eigen decoder en decoderadres. Het computerprogramma Koploper "koppelt" de twee. Het programma stuurt de voorste tram en de volgwagen simultaan aan. Ik heb de wagens fysiek gekoppeld met de vaste Schaku imitatie van Harmsen Modellbau, artikelnummer 01037.



Vaste Schaku van Harmsen-Modellbau.


Die koppelboom hangt iets lager onder de bak dan de gelijkvormige Schaku's voor en achterop het stel. Dat is om voldoende bewegingsruimte te hebben. Het koppelstel rijdt nu als één tram en dat ziet er prachtig uit.

De halteperrons waren al op lengte gemaakt voor een koppelstel. Maar de trams stopten een paar cm te vroeg bij sommige haltes. Voor die plekken is in het computerprogramma Koploper het aantal cm's aangegeven waar de tram exact moet staan. Dat werkt.



Vlak voor de stop bij de halte. Alle perrons waren al lang genoeg voor koppelstellen.


Dan rijdt er nu nog een ander stel, maar dan een motorwagen met aanhangwagen: De Buitenlijner.

Het vorige bericht ging over de inbouw van de nieuwe Halling ALX aandrijving in de motorwagen. Na die ombouw heb ik de draaistellen van de aanhangwagen onder handen genomen.

 

In 1975 al museumtram, daarvoor Buitenlijner HTM 57 +118.


Ik heb onderdelen van de oude draaistellen van de motorwagen gebruikt in de draaistellen van de aanhangwagen. De wielstellen van de aanhangwagen waren in de draaistelzijframes ingesleten. De wielen draaiden daardoor niet best meer en de frames zakten op het spoor. Nu rijdt de wagen weer prima al blijven de erg korte draaistellen met 18,5 mm as-afstand gevoelig voor ontsporingen als de spoorstaven niet nauwkeurig gelegd zijn. 



Onderzijde bak van de 118 met ingebouwde wielstellen uit de 57.


Een motorwagen 57 draaistel was te lang voor de aanhangwagen. De as-afstand is ingekort van 24 naar 18,5 mm door 5,5 mm uit het midden van het draaistel te zagen. 
De zo verkregen twee halve draaistellen werden verlijmd aan de dwarsbalk in het draaistelframe van de 118. Een combinatie hardplastic - resin (het frame) kan alleen met secondelijm gelijmd worden. Dat kan bij hard stoten losbreken. Ik heb daarom de hardplasticdelen ook onderling verbonden met styreen staafjes. Die zijn later ook zwart geschilderd. 



Links de bovenzijde en rechts de onderzijde van het aangepaste draaistel.
Bruin: oorspronkelijke resin, zwart: nieuw hard plastic, wit: versteviging uit styreen.
De functieloze tandwielen houden de wielassen in zijwaartse richting op hun plek.


Oorspronkelijk rustte de wagenbak op nokken in de dwarsbalk van elk draaistelframe. De slijtsporen van die nokken zijn nog te zien als cirkels op de onderkant van de wagenbak. Dat reed niet! Ik had de nokken al een tijd geleden weg gevijld en de bak op een enkel moertje laten rusten en dat ging wel goed. Maar door de twee punten blijft de wagen wiebelen waardoor de wielflenzen boven de spoorstaaf kunnen komen. Beter is de driepuntslagering.



Het ene draaistel rust nu op twee gladde styreen strookjes, het andere op een ringetje.

Met deze driepuntslagering en nog 5 gram gewicht extra onder de bak rijdt de wagen prima.

Zittend achter je bureau aan trammetjes werken was goed te doen tijdens de hete dagen in deze zomer. Zo kom je de dagen van "opsluiting" goed door. 

Bij regen weer verder met het tekenwerk voor de huizen.   

07 augustus 2026

Halling ALX Antrieb

 


Mijn WeKra model van de HTM 57+118 Buitenlijner rijdt nu met:



De ALX draaistelaandrijvingen.
Een Game Changer zoals Halling dit noemt? Het lijkt er wel op.



Ik had deze tram tweedehands bij WeKra gekocht. Het model ziet er prima uit, maar het reed niet goed. Op rechte einden nog geen probleem, maar in de scherpe bogen erg moeizaam. De motor werd gloeiend heet. Na uiteennemen van de draaistellen bleek dat de tandwieltjes niet meer soepel draaiden. Dat kan een warme motor geven. De extra weerstand in de bogen door de siliconen slangetjes werd voor de motor kennelijk te veel. Er moest wat mee gebeuren. 

In eerste instantie dacht ik om de tandwielen schoon te maken en  de siliconen slangetjes te vervangen door cardanassen. Maar zou de ALX ook kunnen? Halling kondigde deze draaistelaandrijving in december 2023 aan. Nu is de ALX beschikbaar voor verschillende as afstanden en met verschillende wieldiameters. Modeltrambouwers bleven wantrouwend. Een door een andere firma eerder uitgebrachte soortgelijke aandrijving bleek een "racemachine" te zijn. Toen in deze zomer positieve berichten verschenen en toen Halling zelf ook modellen met ALX uitbracht kon ik de verleiding niet meer weerstaan. Ik kon het op zijn minst uitproberen.




De oude draaistellen zijn afgenomen. De oude motor zit nog in het frame.
 Op de voorgrond de twee siliconen slangetjes.




De ALX motordraaistellen in het frame geklikt.




In de oude motorruimte zit nu de door Halling geadviseerde Zimo MN170N decoder.
De oude draaistelzijframes zijn op nieuwe zijframehouders geklemd. Dat kan zonder lijm.
Alles is uitwisselbaar bij Halling, super doordacht!


Op bovenstaande foto is te zien dat de voor- en achterzijde van de draaistelframes ontbreken. Leuk projectje voor later.
De tram heeft 2x5 gram extra gewicht gekregen, dit ter vervanging van het gewicht van de oude motor welke 12 gram woog. Het totaal gewicht is nu 91 gram en dat blijkt voldoende.

Gewichtjes van 5 gram zijn ook bij Halling verkrijgbaar. Zie de shop: Halling Webshop

De aanhangwagen heeft ook al wat extra gewicht gekregen. Deze wagen was veel te licht en liep gemakkelijk uit de rails. 5 Gram extra geeft al verbetering. De wagen weegt nu 45 gram.
De draaistellen van de aanhangwagen vragen nog aandacht. Op een afbuigend wissel is een ontsporing niet uit te sluiten. De aanhangwagen is afgekoppeld en wordt nu aangepakt. Zie het volgende bericht. 

De motorwagen rijdt nu soepel en stil rond. Bij minimum decoderstap 2 ook heel langzaam. 
Op de pagina Modeltrams de gewijzigde CV's in de Zimo decoder en later alle actuele wijzigingen.

23 juli 2026

Berlage lichtmasten uitgeleverd

 



Precies 1 jaar na het eerste proefexemplaar had Crafftiq de lichtmastjes voor mij gereed. Reden voor die wachttijd was een plotselinge opdracht voor een museum in Amsterdam.

De lichtmastjes zijn nu nog zonder led lampje. Dat blijft voorlopig zo. Ik ga eerst een keer proberen om  1 exemplaar van een messing mast te voorzien en een led lampje. Bij een goed resultaat krijgen ook de anderen een werkend lampje.

Hierbij een indruk van de in totaal 15 mastjes. Ze staan nu nog los op de baan in een messing buisje. Zo kan ik ze makkelijk weghalen bij werkzaamheden. Later worden ze mooi recht vastgezet.




De mastafstand op de modeltrambaan is slechts 20 cm wat in werkelijkheid 17 m is. Die kleine tussenafstand komt door de smalle lichtbundel uit het fraaie armatuur. De masten worden momenteel ook vervangen door nieuwe met hetzelfde uiterlijk, exclusief gemaakt voor Den Haag! Ook in woonstraten waar ze nooit stonden zijn deze typisch Haagse lichtmasten verschenen. 
 



Op de modeltrambaan staan ze, afhankelijk van de ruimte, links of rechts van de rijbaan met eenrichtingsverkeer. Soms in de bomen, soms tussen de parkeerstroken.




Het leuke is dat ze helemaal niet erg opvallen. Het is alsof ze er altijd al gestaan hebben! 

Op de pagina Straatmeubilair staat ook een plaatje van de montage bij Crafftiq in Capelle aan den IJssel.


Voor de te maken huizen is nu een definitieve keuze gemaakt. Ze worden gemaakt naar voorbeeld van twee rijen aan de Statenlaan tussen de Frankenslag en de Frankenstraat. De gevelomtrekken zijn getekend en op karton geplakt om een beter beeld te krijgen voor het verdere ontwerp.




Ook hier geldt: Op de pagina Huizenbouw meer uitleg.


21 juli 2026

Er kan nog een tram komen

 


Een tram langs de IJssel is nu alleen op de modeltrambaan mogelijk.


Of toch ......  zie de tekst op dit bord bij een spoorwegovergang in de Weg naar Voorst te Zutphen.




WACHT tot het rode licht gedoofd is, er kan nog een tram komen
Foto: Ivo Spijkers

Stentor verslaggever Ivo Spijkers maakte op 22 juni deze foto en plaatste het op 29 juni in de krant. Na contact met ProRail is dit bord heel snel vervangen! 

Ik stapte afgelopen vrijdag in de Arriva "tram" voor een reis naar Capelle aan den IJssel, want daar stond wat klaar:




In een volgend bericht meer daarover.

Met groet, Jan

02 juli 2026

Laserproef

In deze zomer toch nog voortgang bij de voorbereiding van de huizenbouw.

Ik ben begonnen met tekenen voor lasersnijden. Ik ga geen laser aanschaffen. Laseren kan worden uitbesteed of ik ga het zelf gaan doen in een Fablab. Dat laatste heb ik nu uitgeprobeerd. 

Voor het lasersnijden is een vector tekenprogramma nodig. Autocad is kostbaar en vraagt veel ruimte op de computer. Ik heb gekozen voor het gratis programma Inkscape. Je kan er niet alles mee tekenen, maar voor de huizen bleek het ruim voldoende. 



Schermafbeelding van het Inkscape tekenblad.


Het moeilijkste onderdeel is het metselwerk. De gebruikelijk waalformaat steen, 21 x 10 x 5 cm, is in schaal 1:87 slechts 2,4 x 0,5 mm. Al het metselwerk bestaat uit hele, 3/4 of halve stenen. Alles moet dus op steenformaat worden getekend. Ik heb mijn tekenblad dan ook voorzien van een raster met de grootte van een 1/4 steen. Afgerond 0.6 x 0.7 in hart voeg.

De laser snijdt of graveert. De rode lijnen op onderstaande tekening worden uitgesneden. Al het andere wordt gegraveerd. Om de voegen strak en dun te houden wordt voor de te graveren lijnen ook de snij instelling "Line" gebruikt, maar dan wel  met een zo laag mogelijk vermogen. Vooralsnog is elke soort lijn in een aparte laag gezet om per laag verschillende laserinstellingen te kunnen kiezen. Zo staan de langsvoegen nog in een andere laag dan de stootvoegen.


    

Tekening in kleur met raster en hulplijnen en in zwart-wit als pdf.

Alle lijnen zijn direct getekend als "path". De andere vormen zoals rechthoeken of cirkels moeten naderhand ook in paden worden omgezet. Pas dan is de tekening bruikbaar voor de lasersnijder. Een pdf van de tekening dient als controle. De tekening is voor de lasersnijder als dxf bestand op een usb stick gezet.

Ik ben gaan laseren in een FabLab van een hogeschool in mijn omgeving. De gebruikte laser is een BRM 1300 Pro. Leuk om te weten: Die BRM wordt in Winterswijk gebouwd.

Het gebruikte materiaal is 3 mm berkentriplex van hoge kwaliteit. Het Fablab staat het stabielere mdf niet toe vanwege het bij laseren vrijkomend gas. 


Hier wordt een triplexplaat berken op het laserbed gelegd.



De tekening is van de usb stick ingelezen in het programma Lightburn en de laserinstellingen zijn gekozen. Het bestand is daarna naar de laser gezonden.



De laser aan het werk. Verschillende laserinstellingen worden getest.



Het resultaat van de eerste proef.


Het tekenwerk bleek in orde te zijn. De uitvoering door de laser viel echter wat tegen. De voegranden zijn grof en de nauwkeurigheid is onvoldoende. Zo zijn kleine verticale voegen doorgeschoten en sluiten horizontale lijnen niet overal exact op elkaar aan. Mogelijk is de grote BRM niet geschikt voor dit fijne werk.

Ik laat het proefbestand eerst elders in mdf laseren op een daarvoor geschikte machine.

Ondertussen kan ik met het tekenwerk wel verder.

Wordt vervolgd.